A
Access control:
Access control is het bepalen wie toegang krijgt tot systemen, applicaties, bestanden of andere digitale bronnen. Daarbij wordt gecontroleerd of iemand de juiste rechten heeft voor de gevraagde handeling.
Voorbeelden:
- Alleen medewerkers van de financiële afdeling mogen salarisgegevens bekijken.
- Een cloudapplicatie geeft een gebruiker wel leesrechten, maar geen toestemming om bestanden te verwijderen.
Aanvaller
Een aanvaller is een persoon, groep of organisatie die probeert zonder toestemming toegang te krijgen tot systemen, gegevens of accounts.
Voorbeelden:
- Een crimineel probeert met gestolen wachtwoorden toegang te krijgen tot een bedrijfsaccount.
- Een statelijke actor voert een gerichte aanval uit op overheidsorganisaties.
Aanvalsoppervlak
Het aanvalsoppervlak is het geheel van systemen, apparaten, accounts, applicaties en verbindingen waar een aanvaller misbruik van kan maken.
Voorbeelden:
- Een organisatie vergroot haar aanvalsoppervlak door veel externe cloudapplicaties te gebruiken.
- Ongebruikte accounts en vergeten internetservers maken het aanvalsoppervlak groter.
Ad-blocker
Een ad-blocker is software die advertenties op websites blokkeert. Dit kan ook voorkomen dat schadelijke advertenties automatisch scripts of malware laden.
Voorbeelden:
- Een ad-blocker verbergt een misleidende advertentie die naar een valse updatepagina verwijst.
- Een medewerker gebruikt een ad-blocker om het risico op malvertising te verkleinen.
Advanced Persistent Threat (APT)
Een Advanced Persistent Threat is een langdurige, gerichte cyberaanval waarbij een aanvaller ongemerkt toegang probeert te houden tot een organisatie. APT’s worden vaak uitgevoerd door goed georganiseerde criminele groepen of statelijke actoren.
Voorbeelden:
- Een groep dringt via een gestolen account binnen en verzamelt maandenlang bedrijfsinformatie.
- Een aanvaller beweegt stap voor stap door het netwerk richting onderzoeksgegevens.
Air gap
Een air gap is een fysieke scheiding tussen een systeem en andere netwerken, zoals internet. Het systeem heeft daardoor geen directe netwerkverbinding met de buitenwereld.
Voorbeelden:
- Een organisatie bewaart zeer gevoelige industriële besturingssystemen op een netwerk zonder internetverbinding.
- Back-ups worden tijdelijk losgekoppeld om ze tegen ransomware te beschermen.
Anomaly
Een anomaly, of afwijking, is gedrag dat duidelijk afwijkt van het normale patroon. Zo’n afwijking kan wijzen op een beveiligingsincident, maar kan ook een legitieme oorzaak hebben.
Voorbeelden:
- Een medewerker logt midden in de nacht in vanuit een land waar die normaal nooit werkt.
- Een server verwerkt plotseling veel meer gegevens dan gebruikelijk.
Anomaly-based detection
Anomaly-based detection is een detectiemethode die afwijkend gedrag signaleert in plaats van alleen bekende aanvalspatronen te zoeken.
Voorbeelden:
- Een beveiligingssysteem waarschuwt wanneer een gebruiker honderden bestanden tegelijk opent.
- Een netwerkmonitor detecteert dat een printer verbinding maakt met een onbekende buitenlandse server.
Antivirus
Antivirussoftware detecteert, blokkeert en verwijdert schadelijke software. Moderne antivirusprogramma’s kijken naast bekende patronen ook naar verdacht gedrag van programma’s.. De opvolger van Antivirus is een EDR, zie kopje EDR
Voorbeelden:
- Antivirus blokkeert een gedownload bestand dat bekent is als malware.
- Een beveiligingsprogramma waarschuwt wanneer een onbekende applicatie probeert wachtwoorden uit de browser te halen.
Audit log
Een audit log is een registratie van belangrijke gebeurtenissen, zoals inlogpogingen, wijzigingen in rechten en toegang tot bestanden. De log helpt bij controle en onderzoek achteraf.
Voorbeelden:
- Een audit log laat zien wie een beheerdersaccount heeft aangemaakt.
- Na een datalek wordt gecontroleerd welke bestanden zijn geopend.
B
Back-up
Een back-up is een reservekopie van bestanden, databases of systeeminstellingen. Met een goede back-up kunnen gegevens worden teruggezet na bijvoorbeeld ransomware, hardwareproblemen of menselijke fouten.
Voorbeelden:
- Een bedrijf herstelt klantgegevens uit een dagelijkse back-up nadat een server defect raakt.
- Een offline back-up voorkomt dat alle kopieën tegelijk door ransomware worden versleuteld.
Basismaatregelen
Basismaatregelen zijn de fundamentele beveiligingsstappen die vrijwel elke organisatie en gebruiker moet nemen.
Voorbeelden:
- Software up-to-date houden, sterke wachtwoorden gebruiken en MFA inschakelen.
- Regelmatig back-ups maken en medewerkers trainen in het herkennen van phishing.
Botnet
Een botnet is een netwerk van besmette computers, servers, smartphones of andere IoT apparaten die op afstand door een aanvaller worden bestuurd. De eigenaar van het apparaat merkt dit vaak niet.
Voorbeelden:
- Duizenden besmette routers worden gebruikt om tegelijk een website aan te vallen.
- Een botnet verstuurt spam vanaf de computers van nietsvermoedende gebruikers.
Brute-forceaanval
Bij een brute-forceaanval probeert een aanvaller veel mogelijke wachtwoorden of codes uit totdat de juiste combinatie wordt gevonden.
Voorbeelden:
- Een aanvaller probeert automatisch duizenden wachtwoorden op een VPN-account.
- Een korte pincode wordt geraden doordat een systeem onbeperkt pogingen toestaat.
Business continuity plan
Een business continuity plan beschrijft hoe een organisatie haar belangrijkste activiteiten voortzet tijdens en na een ernstige verstoring.
Voorbeelden:
- Een organisatie beschrijft hoe medewerkers kunnen doorwerken als het kantoor niet beschikbaar is.
- Een bedrijf bepaalt welke diensten als eerste moeten blijven functioneren tijdens een cyberaanval.
Business Email Compromise (BEC)
Business Email Compromise is fraude waarbij een aanvaller een zakelijke e-mailaccount overneemt of zich voordoet als een medewerker of leidinggevende. Het doel is vaak geld of vertrouwelijke informatie verkrijgen.
Voorbeelden:
- Een aanvaller vraagt de financiële administratie om een factuur naar een nieuw rekeningnummer te betalen.
- Een gestolen mailbox wordt gebruikt om klanten om documenten te vragen.
Bring Your Own Device (BYOD)
Bring Your Own Device (BYOD) betekent dat medewerkers hun eigen laptop, smartphone of tablet gebruiken voor werk.
Voorbeelden:
- Een medewerker leest zakelijke e-mail op een privételefoon.
- Een organisatie stelt eisen aan beveiligingsupdates voordat een privéapparaat toegang krijgt tot bedrijfsgegevens.
C
Cloud security
Cloud security omvat de maatregelen waarmee cloudomgevingen, cloudapplicaties en daarin opgeslagen gegevens worden beschermd.
Voorbeelden:
- Een organisatie beperkt wie toegang heeft tot bestanden in Microsoft 365 of Google Workspace.
- Een cloudopslagbucket wordt zo ingesteld dat bestanden niet openbaar toegankelijk zijn.
CVE - Common Vulnerabilities and Exposures
Een CVE (Common Vulnerabilities and Exposures) is een unieke identificatiecode voor een bekende beveiligingskwetsbaarheid. De code maakt het eenvoudiger om informatie over dezelfde kwetsbaarheid te delen.
Voorbeelden:
- Een leverancier publiceert een update voor een kwetsbaarheid met een nummer zoals CVE-2025-12345.
- Een securityteam zoekt in zijn systemen naar software waarin een specifieke CVE voorkomt.
CEO / CFO fraude
Bij CEO/CFO fraude doet een aanvaller zich voor als een bestuurder of andere leidinggevende. De aanvaller probeert meestal een medewerker aan te zetten tot een betaling of het delen van gevoelige informatie.
Voorbeelden:
- Een medewerker krijgt zogenaamd van de CEO opdracht om een spoedbetaling uit te voeren.
- Een aanvaller vraagt de CFO om een overzicht van salarissen te sturen.
Closed source
Closed source betekent dat de broncode van software niet openbaar beschikbaar is. Alleen de eigenaar of leverancier kan de code normaal gesproken bekijken en aanpassen.
Voorbeelden:
- Een organisatie gebruikt een commercieel beveiligingsproduct waarvan de broncode niet openbaar is.
- Een kwetsbaarheid in closed-source software moet aan de leverancier worden gemeld.
Cloud
De cloud is het gebruik van computers, opslag, applicaties of andere IT-diensten via internet, zonder dat alle onderliggende systemen lokaal staan.
Voorbeelden:
- Een organisatie bewaart documenten in een online samenwerkingsomgeving zoals Microsoft 365 / OneDrive.
- Een applicatie draait op servers van een cloudleverancier in plaats van op een eigen server.
Compromitteren
Een systeem, account of apparaat compromitteren betekent dat een onbevoegde partij er controle over heeft gekregen of toegang toe heeft verkregen.
Voorbeelden:
- Een gestolen wachtwoord compromitteert het e-mailaccount van een medewerker.
- Een kwetsbare server wordt gecompromitteerd en gebruikt om malware te verspreiden.
Crisisoefening
Een crisisoefening is een georganiseerde oefening waarin een organisatie test hoe zij reageert op een ernstige verstoring of cyberaanval.
Voorbeelden:
- Een managementteam oefent wat het doet als alle systemen door ransomware zijn versleuteld.
- Communicatie-, IT- en juridische teams oefenen samen een datalekscenario.
Cryptomining
Cryptomining is het gebruiken van computerkracht om cryptovaluta te verdienen. Wanneer dit zonder toestemming gebeurt, spreken we vaak van cryptojacking.
Voorbeelden:
- Malware gebruikt de processors van bedrijfscomputers om cryptovaluta te delven.
- Een medewerker merkt dat zijn laptop voortdurend traag is door verborgen cryptominingsoftware.
Cyberaanval
Een cyberaanval is een opzettelijke digitale actie die gericht is op het stelen van gegevens, verstoren van systemen, verkrijgen van toegang of veroorzaken van schade.
Voorbeelden:
- Een aanvaller legt een website plat met een DDoS-aanval.
- Malware versleutelt de bestanden van een organisatie.
Cybercrime-as-a-service (CaaS)
Cybercrime-as-a-service betekent dat criminelen aanvalsmiddelen of -diensten tegen betaling aanbieden aan andere criminelen.
Voorbeelden:
- Iemand zonder technische kennis huurt een ransomwaredienst.
- Een crimineel koopt een lijst met gestolen inloggegevens of een kant-en-klare phishingkit.
Cyberschaamte
Cyberschaamte is schaamte of angst na een cyberincident, bijvoorbeeld omdat iemand op een phishingbericht heeft geklikt. Die gevoelens kunnen ervoor zorgen dat een incident te laat wordt gemeld.
Voorbeelden:
- Een medewerker vertelt niet dat die een schadelijke bijlage heeft geopend.
- Een slachtoffer van online fraude zoekt pas weken later hulp uit angst voor een negatieve reactie.
Cyberweerbaarheid
Cyberweerbaarheid is het vermogen van een organisatie om cyberaanvallen te voorkomen, op te vangen, ervan te herstellen en de aanpak daarna te verbeteren.
Voorbeelden:
- Een organisatie blijft dienstverlening bieden dankzij redundante systemen en actuele back-ups.
- Na een incident worden extra controles ingevoerd om herhaling te voorkomen.
C2-server
Een C2-server (command-and-controlserver) is een server waarmee een aanvaller besmette apparaten opdrachten kan geven en gegevens kan ontvangen.
Voorbeelden:
- Malware maakt verbinding met een C2-server om nieuwe opdrachten op te halen.
- Een botnet gebruikt een C2-server om apparaten tegelijk een DDoS-aanval te laten uitvoeren.
D
DDoS-aanval
Een DDoS-aanval (Distributed Denial-of-Service) overspoelt een server of netwerk met zoveel verkeer of verzoeken dat gewone gebruikers geen toegang meer krijgen.
Voorbeelden:
- Een online winkel wordt tijdens een belangrijke verkoopactie onbereikbaar door massaal aanvallend verkeer.
- Een botnet stuurt gelijktijdig miljoenen verzoeken naar een overheidswebsite.
Data breach
Een data breach, of datalek, is een incident waarbij onbevoegden toegang krijgen tot gegevens, of waarbij gegevens per ongeluk openbaar worden gemaakt of verloren gaan.
Voorbeelden:
- Een aanvaller steelt klantgegevens uit een gehackte database.
- Een medewerker stuurt een bestand met persoonsgegevens per ongeluk naar de verkeerde ontvanger.
Dark web
Het dark web is een deel van het internet dat niet via gewone zoekmachines bereikbaar is en waarvoor speciale software of instellingen nodig zijn. Het wordt gebruikt voor zowel legale als illegale activiteiten.
Voorbeelden:
- Gestolen wachtwoorden en persoonsgegevens worden op criminele marktplaatsen aangeboden op het dark web.
- Onderzoekers volgen darkwebfora om te zien of bedrijfsgegevens zijn gelekt.
Deepfake
Een deepfake is een realistisch gemanipuleerde afbeelding, video of audio-opname die iemand iets laat zeggen of doen wat in werkelijkheid niet is gebeurd.
Voorbeelden:
- Een aanvaller gebruikt een nagemaakte stem van een directeur om een betaling te laten uitvoeren.
- Een gemanipuleerde video wordt gebruikt om reputatieschade te veroorzaken.
Defense in depth
Defense in depth, of gelaagde beveiliging, betekent dat een organisatie meerdere beveiligingslagen toepast. Als één maatregel faalt, kunnen andere maatregelen de aanval nog tegenhouden of beperken.
Voorbeelden:
- Een organisatie gebruikt MFA, netwerksegmentatie, endpointbeveiliging en monitoring tegelijk.
- Een gestolen wachtwoord geeft geen directe toegang doordat ook apparaatcontrole en extra verificatie nodig zijn.
Digital forensics
Digital forensics, of digitale forensische analyse, is het verzamelen en onderzoeken van digitale sporen na een beveiligingsincident.
Voorbeelden:
- Analisten onderzoeken logbestanden om vast te stellen wanneer een aanvaller een server binnendrong.
- Een forensisch onderzoek brengt in kaart welke bestanden vanaf een gestolen laptop zijn geopend.
Disaster recovery
Disaster recovery is het geheel van plannen en maatregelen om IT-systemen en gegevens na een ernstige verstoring te herstellen.
Voorbeelden:
- Na een brand verhuist een organisatie haar dienstverlening naar een tweede datacenter.
- Een bedrijf test regelmatig of het systemen uit back-ups kan herstellen.
Digitale soevereiniteit
Digitale soevereiniteit is het vermogen van een organisatie of land om controle te houden over digitale gegevens, infrastructuur, technologie en belangrijke digitale diensten.
Voorbeelden:
- Een overheidsorganisatie onderzoekt waar gegevens worden opgeslagen en welke wetgeving daarop van toepassing is.
- Een bedrijf voorkomt volledige afhankelijkheid van één buitenlandse cloudleverancier.
DNS
DNS (Domain Name System) vertaalt domeinnamen, zoals voorbeeld.nl, naar IP-adressen die computers gebruiken om servers te vinden.
Voorbeelden:
- DNS zorgt ervoor dat een browser de server van een website kan vinden.
- Aanvallers kunnen DNS misbruiken om gebruikers naar een valse website door te sturen.
DNS-filter
Een DNS-filter blokkeert verzoeken naar bekende schadelijke, misleidende of ongewenste domeinen.
Voorbeelden:
- Een medewerker krijgt geen toegang tot een domein dat bekendstaat om malwareverspreiding.
- Een DNS-filter blokkeert een phishingwebsite voordat de inlogpagina wordt geladen.
DNS spoofing
Bij DNS spoofing krijgt een gebruiker een verkeerd IP-adres terug wanneer een domeinnaam wordt opgezocht. De gebruiker kan daardoor op een nagemaakte website terechtkomen.
Voorbeelden:
- Een aanvaller laat bank.nl naar een phishingwebsite verwijzen.
- Een besmette router stuurt gebruikers naar een valse downloadpagina.
Double extortion
Bij double extortion stelen aanvallers eerst gegevens en versleutelen ze daarna de systemen. Ze dreigen vervolgens met openbaarmaking van de gestolen gegevens als er niet wordt betaald.
Voorbeelden:
- Een organisatie kan haar bestanden niet openen en wordt tegelijk gechanteerd met openbaarmaking van klantgegevens.
- Aanvallers publiceren een klein deel van gestolen documenten om hun dreigement kracht bij te zetten
Dumpster diving
Dumpster diving is het zoeken in weggegooide documenten, apparaten of andere materialen om bruikbare informatie te vinden.
Voorbeelden:
- Een aanvaller vindt een weggegooide uitdraai met gebruikersnamen en telefoonnummers.
- Een oude laptop bevat nog bedrijfsgegevens omdat deze niet veilig is gewist
DKIM
DKIM (DomainKeys Identified Mail) is een techniek waarmee een verzendende mailserver e-mails digitaal ondertekent. De ontvangende server kan daardoor controleren of het bericht echt namens het domein is verzonden en onderweg niet is aangepast.
Voorbeelden:
- Een ontvangende mailserver controleert de DKIM-handtekening van een bericht van een webshop.
- Een aanvaller die het afzenderadres vervalst, kan de DKIM-controle niet correct uitvoeren.
DMARC
DMARC (Domain-based Message Authentication, Reporting and Conformance) is een e-mailbeveiligingsmethode die controleert of SPF en DKIM correct worden gebruikt. Een organisatie kan hiermee aangeven wat er met niet-authentieke e-mails moet gebeuren.
Voorbeelden:
- Een organisatie laat verdachte berichten namens haar domein automatisch weigeren.
- DMARC-rapportages laten zien welke systemen e-mails namens een domein verzenden.
DMZ
Een DMZ (demilitarized zone) is een afzonderlijk netwerksegment voor systemen die vanaf internet bereikbaar moeten zijn. De DMZ vormt een extra scheidingslaag tussen internet en het interne netwerk.
Voorbeelden:
- Een publieke webserver staat in een DMZ en niet rechtstreeks op het interne kantoornetwerk.
- Een mailserver wordt in een DMZ geplaatst zodat een aanval niet direct toegang geeft tot interne systemen.
E
Endpoint
Een endpoint is een apparaat dat verbinding maakt met een netwerk, zoals een laptop, smartphone, server, printer of industriële computer.
Voorbeelden:
- Een bedrijfslaptop is een endpoint dat met endpoint security wordt bewaakt.
- Een onbeheerde smartphone met toegang tot zakelijke e-mail kan een risico vormen.
Endpoint Detection and Response (EDR)
EDR is beveiligingssoftware die endpoints (laptop, computer of server) continu bewaakt, verdachte activiteiten detecteert en onderzoek of ingrijpen mogelijk maakt.
Voorbeelden:
- EDR ziet dat een tekstverwerker plotseling veel bestanden probeert te wijzigen.
- Een securityanalist isoleert via EDR een besmette laptop van het netwerk.
Exfiltratie
Exfiltratie is het ongeautoriseerd wegsluizen van gegevens uit een systeem of netwerk.
Voorbeelden:
- Malware verstuurt bedrijfsdocumenten naar een server van de aanvaller.
- Een aanvaller kopieert een database met klantgegevens voordat ransomware wordt geactiveerd
End-of-life
End-of-life betekent dat een product of softwareversie het einde van de officiële levensduur heeft bereikt. De leverancier levert dan meestal geen beveiligingsupdates of technische ondersteuning meer.
Voorbeelden:
- Een organisatie blijft een verouderd besturingssysteem gebruiken waarvoor geen patches meer verschijnen.
- Een router die end-of-life is, wordt vervangen omdat nieuwe kwetsbaarheden niet meer worden verholpen.
Encryptie
Encryptie, of versleuteling, zet leesbare gegevens om in een onleesbare vorm. Alleen iemand met de juiste sleutel kan de gegevens weer leesbaar maken.
Voorbeelden:
- HTTPS versleutelt gegevens tussen een browser en een website.
- Een laptop gebruikt schijfversleuteling zodat gestolen bestanden niet zomaar kunnen worden gelezen.
Exploit
Een exploit is code, een techniek of een programma dat misbruikmaakt van een beveiligingskwetsbaarheid.
Voorbeelden:
- Een exploit gebruikt een fout in een webserver om toegang te krijgen tot bestanden.
- Een aanvaller gebruikt een kwetsbaarheid in een browser om malware te installeren.
Ethische hacker
Een ethische hacker test systemen met toestemming van de eigenaar om kwetsbaarheden te vinden en te rapporteren. Het doel is de beveiliging verbeteren, niet schade veroorzaken.
Voorbeelden:
- Een organisatie huurt een ethische hacker in voor een pentest van een webapplicatie.
- Een onderzoeker meldt een kwetsbaarheid aan de leverancier volgens de afgesproken procedure.
F
Firewall
Een firewall controleert netwerkverkeer en staat alleen verbindingen toe die volgens de ingestelde regels gewenst zijn. Zo kan een firewall ongewenst verkeer tussen netwerken of apparaten blokkeren.
Voorbeelden:
- Een firewall blokkeert inkomende verbindingen naar een interne databaseserver.
- Een bedrijfsfirewall voorkomt dat medewerkers bekende schadelijke websites bezoeken.
Functiescheiding
Functiescheiding betekent dat belangrijke handelingen over meerdere personen of rollen worden verdeeld. Zo kan één persoon niet ongecontroleerd een volledig proces uitvoeren.
Voorbeelden:
- De ene medewerker maakt een betaling aan en een andere keurt die goed.
- Een ontwikkelaar kan code schrijven, maar niet zelfstandig naar productie publiceren.
G
General Data Protection Regulation (GDPR/AVG)
De General Data Protection Regulation (GDPR), in Nederland de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG), bevat regels voor het verwerken en beveiligen van persoonsgegevens.
Voorbeelden:
- Een organisatie moet zorgvuldig omgaan met namen, e-mailadressen en gezondheidsgegevens.
- Na een ernstig datalek kan een organisatie verplicht zijn dit aan de toezichthouder te melden.
H
Hashing
Hashing zet gegevens met een algoritme om in een vaste reeks tekens, een hash. Een hash is bedoeld als een eenrichtingsbewerking: de oorspronkelijke gegevens kunnen er normaal gesproken niet eenvoudig uit worden terugberekend.
Voorbeelden:
- Een website slaat wachtwoorden op als veilige hashes in plaats van als leesbare tekst.
- Een gedownload bestand wordt gecontroleerd aan de hand van zijn hash om te zien of het is gewijzigd.
Hackers
Hackers zijn mensen (of organisaties) die digitale systemen, netwerken of accounts onderzoeken of proberen te beïnvloeden. Niet alle hackers hebben kwaad in de zin: sommige werken met toestemming om beveiligingsproblemen te vinden, terwijl anderen systemen misbruiken voor diefstal, sabotage of spionage.
Voorbeelden:
Een ethische hacker test met toestemming of een organisatie kwetsbaarheden in haar systemen heeft.
Een aanvaller probeert via gestolen wachtwoorden toegang te krijgen tot een bedrijfsaccount.
Hacking
Hacking is het onderzoeken, aanpassen of binnendringen van computersystemen. Hacking kan legaal zijn wanneer dit met toestemming gebeurt, maar ook strafbaar wanneer systemen zonder toestemming worden aangevallen.
Voorbeelden:
- Een ethische hacker zoekt met toestemming naar kwetsbaarheden in een website.
- Een aanvaller breekt in op een account om gegevens te stelen.
Honeypot
Een honeypot is een bewust aantrekkelijk gemaakt systeem of account dat aanvallers moet lokken en hun gedrag zichtbaar maakt.
Voorbeelden:
- Een organisatie plaatst een nepserver om aanvalstechnieken te observeren.
- Een waarschuwing gaat af zodra iemand een ongebruikt lokaccount probeert te gebruiken.
I
Identity and Access Management (IAM)
Identity and Access Management is het geheel van processen en systemen waarmee organisaties digitale identiteiten en toegangsrechten beheren.
Voorbeelden:
- Een nieuw personeelslid krijgt automatisch toegang tot de applicaties die bij de functie horen.
- Bij uitdiensttreding worden accounts en toegangsrechten direct ingetrokken.
Incident response
Incident response is de georganiseerde aanpak voor het detecteren, onderzoeken, beperken en afhandelen van een beveiligingsincident.
Voorbeelden:
- Een securityteam isoleert een besmette laptop voordat malware zich verder verspreidt.
- Na een phishingincident worden de betrokken wachtwoorden gewijzigd en logbestanden onderzocht.
Incidentresponseplan
Een incidentresponseplan beschrijft wie wat doet wanneer een beveiligingsincident plaatsvindt. Het bevat bijvoorbeeld procedures voor melden, isoleren, onderzoeken, communiceren en herstellen.
Voorbeelden:
- Het plan bepaalt wie de stekker uit een besmette server mag trekken.
- Het beschrijft wanneer klanten, toezichthouders en medewerkers worden geïnformeerd.
Info stealer
Een info stealer is malware die gericht gegevens verzamelt, zoals wachtwoorden, sessiecookies, browsergegevens of cryptowallets.
Voorbeelden:
- Een besmette computer stuurt opgeslagen browserwachtwoorden naar een aanvaller.
- Een gestolen sessiecookie wordt gebruikt om een cloudaccount over te nemen zonder het wachtwoord opnieuw in te voeren.
Insider threat
Een insider threat is een beveiligingsrisico dat afkomstig is van iemand met legitieme toegang tot een organisatie, zoals een medewerker, leverancier of ingehuurde kracht.
Voorbeelden:
- Een medewerker kopieert klantgegevens voordat die naar een concurrent vertrekt.
- Een beheerder maakt uit onzorgvuldigheid een interne database openbaar.
Internet of Things (IoT)
Het Internet of Things omvat apparaten die met internet of een netwerk zijn verbonden en gegevens kunnen uitwisselen.
Voorbeelden:
- Een beveiligingscamera, slimme deurbel of thermostaat is een IoT-apparaat.
- Een slecht beveiligde IoT-camera wordt gebruikt als toegangspunt tot een bedrijfsnetwerk.
K
Keylogger
Een keylogger is software of hardware die toetsaanslagen registreert. Aanvallers kunnen hiermee bijvoorbeeld wachtwoorden of chatberichten verzamelen.
Voorbeelden:
- Malware legt vast welke gegevens een gebruiker op een inlogpagina typt.
- Een verborgen apparaatje tussen toetsenbord en computer registreert toetsaanslagen.
Kroonjuwelen
Kroonjuwelen zijn de belangrijkste en meest waardevolle gegevens, systemen of bedrijfsprocessen van een organisatie.
Voorbeelden:
- Voor een bank kunnen klantrekeningen en betalingssystemen tot de kroonjuwelen behoren.
- Voor een technologiebedrijf kan broncode het belangrijkste te beschermen bezit zijn.
Kwetsbaarhedenscan
Een kwetsbaarhedenscan is een geautomatiseerde controle op bekende beveiligingsproblemen in systemen, apparaten of applicaties.
Voorbeelden:
- Een scan vindt een server waarop een belangrijke beveiligingsupdate ontbreekt.
- Een organisatie scant maandelijks haar internetgerichte systemen.
L
Least privilege
Least privilege betekent dat een gebruiker, apparaat of programma alleen de minimale rechten krijgt die nodig zijn voor de taak.
Voorbeelden:
- Een medewerker kan facturen bekijken, maar niet de gebruikersadministratie wijzigen.
- Een applicatie krijgt alleen toegang tot de database die zij nodig heeft.
Logs
Logs zijn automatisch vastgelegde gebeurtenissen in systemen, applicaties, netwerken of apparaten. Ze bevatten bijvoorbeeld informatie over inlogpogingen, wijzigingen, foutmeldingen en netwerkverkeer en kunnen helpen bij het opsporen en onderzoeken van incidenten.
Voorbeelden:
Een organisatie ziet in de logs meerdere mislukte inlogpogingen vanaf een onbekend IP-adres.
Na een incident onderzoekt een securityteam welke accounts toegang hadden tot een bepaald bestand.
M
Malware
Malware is een verzamelnaam voor schadelijke software die systemen, apparaten of gegevens probeert te beschadigen, bespioneren, misbruiken of ontoegankelijk te maken. Voorbeelden zijn virussen, trojans, spyware en ransomware.
Voorbeelden:
- Een trojan doet zich voor als een legitieme factuurviewer maar installeert op de achtergrond malware.
- Spyware verzamelt browsergegevens zonder dat de gebruiker dit merkt.
Multi-factor authentication (MFA)
Multi-factor authentication vereist minstens twee verschillende soorten bewijs bij het inloggen, zoals een wachtwoord plus een telefooncode, beveiligingssleutel of biometrisch kenmerk.
Voorbeelden:
- Een medewerker logt in met een wachtwoord en bevestigt daarna de aanmelding in een app.
- Een bank vraagt naast een wachtwoord ook om een code uit een kaartlezer.
Managed detectie en respons (MDR)
Managed detectie en respons is een beveiligingsdienst waarbij een externe partij systemen bewaakt, dreigingen onderzoekt en helpt reageren op incidenten.
Voorbeelden:
- Een externe securitypartij onderzoekt ’s nachts een verdachte login.
- Een dienstverlener isoleert een besmet endpoint volgens vooraf gemaakte afspraken.
Mobile Device Management (MDM)
Mobile Device Management is software waarmee een organisatie mobiele apparaten centraal beheert en beveiligt.
Voorbeelden:
- Een bedrijf dwingt via MDM schermvergrendeling en versleuteling af.
- Een verloren zakelijke smartphone wordt op afstand vergrendeld of gewist.
Managed Security Service Provider (MSSP)
Een Managed Security Service Provider is een externe dienstverlener die beveiligingstaken voor organisaties uitvoert, zoals monitoring, firewallbeheer of incidentondersteuning.
Voorbeelden:
- Een organisatie besteedt het beheer van haar firewalls uit aan een MSSP.
- Een MSSP verzamelt logs van meerdere locaties en rapporteert verdachte gebeurtenissen.
Monitoring
Monitoring is het voortdurend volgen van systemen, netwerken en activiteiten om problemen of verdachte gebeurtenissen tijdig te signaleren.
Voorbeelden:
- Monitoring waarschuwt wanneer een server ongewoon veel netwerkverkeer verwerkt.
- Een securityteam volgt mislukte inlogpogingen op belangrijke accounts.
N
Network segmentation
Network segmentation, of netwerksegmentatie, verdeelt een netwerk in afzonderlijke delen. Verkeer tussen die delen wordt gecontroleerd, zodat een aanvaller of malware zich minder gemakkelijk door het hele netwerk kan verspreiden.
Voorbeelden:
- Gastwifi staat los van het netwerk waarop bedrijfsservers draaien.
- Productiesystemen in een fabriek zijn gescheiden van gewone kantoorcomputers.
Need-to-know-principe
Het need-to-know-principe houdt in dat iemand alleen informatie krijgt die nodig is voor de eigen taak.
Voorbeelden:
- Een medewerker ziet alleen de klantgegevens die nodig zijn voor een specifieke bestelling.
- Een leverancier krijgt toegang tot één projectmap, niet tot alle bedrijfsdocumenten.
Nationaal Cyber Security Centrum (NCSC)
Het NCSC, het Nationaal Cyber Security Centrum, ondersteunt in Nederland onder meer organisaties binnen de Rijksoverheid en vitale sectoren met informatie over digitale dreigingen en incidenten.
Voorbeelden:
- Een organisatie gebruikt dreigingsinformatie van het NCSC om maatregelen te nemen.
- Tijdens een groot beveiligingsincident kan het NCSC relevante organisaties informeren.
O
Open Source Intelligence (OSINT)
Open Source Intelligence is het verzamelen en analyseren van informatie uit openbare bronnen, zoals websites, openbare registers en sociale media.
Voorbeelden:
- Een securityteam bekijkt openbare informatie over een organisatie voordat het de blootgestelde systemen controleert.
- Een aanvaller verzamelt via LinkedIn functietitels en namen voor een gerichte phishingcampagne.
Open source
Open source betekent dat de broncode van software beschikbaar is om te bekijken, gebruiken, wijzigen of verspreiden volgens de bijbehorende licentie.
Voorbeelden:
- Een organisatie gebruikt een open-source firewall en controleert de configuratie zelf.
- Onderzoekers kunnen de broncode beoordelen op kwetsbaarheden en verbeteringen voorstellen.
P
Patch management
Patch management is het proces van het vinden, testen en installeren van updates die fouten en beveiligingskwetsbaarheden verhelpen.
Voorbeelden:
- IT installeert een beveiligingsupdate voor laptops nadat een kwetsbaarheid in het besturingssysteem is gepubliceerd.
- Een organisatie houdt bij welke servers nog een kritieke patch missen.
Penetration test
Een penetration test, of pentest, is een geautoriseerde beveiligingstest waarbij professionals proberen binnen te dringen in systemen, applicaties of netwerken.
Voorbeelden:
- Een tester controleert of een webwinkel via een invoerveld klantgegevens kan uitlekken.
- Een organisatie laat testen of medewerkers en technische controles een gesimuleerde phishingaanval herkennen.
Phishing
Phishing is een vorm van misleiding waarbij een aanvaller zich voordoet als een betrouwbare persoon of organisatie om wachtwoorden, geld of andere informatie te stelen.
Voorbeelden:
- Een e-mail lijkt van een bank te komen en vraagt om via een link opnieuw in te loggen.
- Een bericht beweert dat een pakket niet kan worden bezorgd en vraagt om betaalgegevens.
R
Ransomware
Ransomware is malware die bestanden of systemen blokkeert, vaak door ze te versleutelen, en daarna geld eist voor herstel.
Voorbeelden:
- Een ziekenhuis kan patiëntendossiers tijdelijk niet openen na een ransomware-aanval.
- Een bedrijf ontvangt na versleuteling van zijn servers een bericht met een losgeldeis.
Risk assessment
Een risk assessment, of risicoanalyse, is het systematisch beoordelen van welke dreigingen schade kunnen veroorzaken, hoe waarschijnlijk die schade is en hoe groot de gevolgen zijn.
Voorbeelden:
- Een organisatie beoordeelt het risico van een externe leverancier die toegang heeft tot klantgegevens.
- Een risicoanalyse laat zien dat verouderde internetgerichte servers prioriteit hebben bij vervanging.
Responsible disclosure
Responsible disclosure is het op een zorgvuldige manier melden van een beveiligingskwetsbaarheid aan de eigenaar of leverancier, zodat die tijd krijgt om het probleem op te lossen.
Voorbeelden:
- Een onderzoeker meldt een lek eerst aan de leverancier en publiceert details pas na een afgesproken termijn.
- Een organisatie publiceert een beveiligingsbeleid met een e-mailadres voor meldingen.
Role-Based Access Control (RBAC)
Role-Based Access Control geeft toegangsrechten op basis van functies of rollen in plaats van per gebruiker afzonderlijk.
Voorbeelden:
- Alle medewerkers met de rol “HR-manager” krijgen toegang tot dezelfde HR-applicaties.
- Een administratieve rol mag gegevens invoeren, maar niet de beveiligingsinstellingen wijzigen.
Root cause analyse
Een root cause analyse onderzoekt de onderliggende oorzaak van een incident, in plaats van alleen het directe probleem te verhelpen.
Voorbeelden:
- Na een gehackt account onderzoekt een organisatie waarom MFA niet was ingeschakeld.
- Na een datalek blijkt uit de analyse dat oude accounts nooit automatisch werden verwijderd.
S
Scriptkiddie
Een scriptkiddie is iemand die aanvalsscripts of hulpmiddelen van anderen gebruikt zonder veel eigen technische kennis.
Voorbeelden:
- Een beginner gebruikt een online tool om willekeurige websites te scannen.
- Een persoon voert een DDoS-aanval uit met een gehuurde dienst zonder zelf de techniek te begrijpen.
Security.txt
security.txt is een gestandaardiseerd bestand op een website met informatie over hoe beveiligingsonderzoekers kwetsbaarheden kunnen melden.
Voorbeelden:
- Een onderzoeker vindt op voorbeeld.nl/.well-known/security.txt het meldadres van de organisatie.
- Het bestand verwijst naar het responsible-disclosurebeleid en een beveiligingscontact.
Security Information and Event Management (SIEM)
Een SIEM-systeem verzamelt loggegevens uit verschillende systemen en analyseert die op mogelijke beveiligingsincidenten. Het helpt securityteams om verbanden te zien die in afzonderlijke logs minder duidelijk zijn.
Voorbeelden:
- Een SIEM combineert een verdachte login, een nieuwe beheerdersaccount en ongebruikelijke downloads tot één waarschuwing.
- Een analist gebruikt historische logs om te onderzoeken wat een aanvaller heeft gedaan.
Security awareness training
Security awareness training leert medewerkers hoe zij beveiligingsrisico’s herkennen en veilig handelen.
Voorbeelden:
- Medewerkers oefenen met het herkennen van phishingmails.
- Een training legt uit waarom wachtwoorden niet mogen worden gedeeld en hoe incidenten moeten worden gemeld.
Security monitoring
Security monitoring, of beveiligingsmonitoring, is het voortdurend controleren van systemen, netwerken en logs op verdachte activiteiten en mogelijke beveiligingsincidenten.
Voorbeelden:
Een securityteam ontvangt een melding wanneer een account vanaf ongebruikelijke locaties probeert in te loggen.
Een organisatie controleert netwerkverkeer om te ontdekken of malware gegevens naar buiten probeert te sturen.
Shadow IT
Shadow IT omvat hardware, software of online diensten die medewerkers gebruiken zonder goedkeuring of beheer van de IT-afdeling.
Voorbeelden:
- Een team gebruikt een gratis online opslagdienst om bedrijfsdocumenten te delen.
- Een medewerker installeert een browserextensie die gegevens naar een onbekende partij stuurt.
Shoulder surfing
Shoulder surfing is het afkijken van gevoelige informatie, bijvoorbeeld een wachtwoord of pincode, door over iemands schouder mee te kijken.
Voorbeelden:
- Iemand kijkt mee wanneer een reiziger een pincode invoert bij een betaalautomaat.
- Een persoon ziet op een laptop in een café de inloggegevens van een medewerker.
Social engineering
Social engineering is het manipuleren van mensen om beveiligingsregels te omzeilen of informatie prijs te geven. De aanvaller maakt daarbij gebruik van vertrouwen, haast, angst of nieuwsgierigheid.
Voorbeelden:
- Iemand belt als “helpdeskmedewerker” en vraagt om een tijdelijke verificatiecode.
- Een aanvaller doet zich voor als een manager en vraagt per e-mail om een spoedbetaling.
Security Operations Center (SOC)
Een SOC (Security Operations Center) is een team of afdeling die beveiligingsmeldingen bewaakt, onderzoekt en helpt afhandelen.
Voorbeelden:
- Een SOC onderzoekt een reeks verdachte inlogpogingen.
- Analisten in een SOC coördineren de reactie op malware op meerdere laptops.
Spam
Spam is ongevraagde en vaak massaal verzonden elektronische communicatie. Spam kan reclame bevatten, maar wordt ook gebruikt om phishing of malware te verspreiden.
Voorbeelden:
- Een inbox ontvangt honderden ongewenste reclameberichten.
- Een spamcampagne bevat een schadelijke bijlage die zich voordoet als factuur.
SPF
SPF (Sender Policy Framework) is een e-mailbeveiligingstechniek die vastlegt welke mailservers namens een domein e-mails mogen verzenden.
Voorbeelden:
- De ontvangende mailserver controleert of een bericht van organisatie.nl afkomstig is van een toegestane verzendserver.
- Een bericht vanaf een onbekende server kan door een SPF-controle als verdacht worden gemarkeerd.
Smishing
Smishing is phishing via sms of chatberichten. De afzender probeert het slachtoffer bijvoorbeeld op een link te laten klikken of gegevens te laten delen.
Voorbeelden:
- Een sms lijkt van een bezorgdienst te komen en vraagt om een kleine betaling.
- Een bericht beweert dat een bankrekening wordt geblokkeerd zonder onmiddellijke verificatie.
Spear phishing
Spear phishing is phishing die specifiek op één persoon, team of organisatie is gericht. De aanvaller gebruikt vaak vooraf verzamelde informatie om het bericht geloofwaardig te maken.
Voorbeelden:
- De financieel directeur ontvangt een e-mail die lijkt te komen van de vaste leverancier.
- Een onderzoeker krijgt een uitnodiging voor een conferentie met een schadelijke bijlage die op zijn vakgebied is afgestemd.
Supply-chain attack
Bij een supply-chain attack wordt een organisatie aangevallen via een leverancier, softwarepakket, dienst of ander onderdeel van de toeleveringsketen.
Voorbeelden:
- Schadelijke code wordt toegevoegd aan een software-update die klanten automatisch installeren.
- Een aanvaller misbruikt een klein IT-bedrijf om toegang te krijgen tot de systemen van diens klanten.
Statelijke actor
Een statelijke actor is een overheid of groep die namens, met steun van of in het belang van een staat cyberactiviteiten uitvoert.
Voorbeelden:
- Een statelijke actor probeert politieke of militaire informatie te verzamelen.
- Een overheidsgesteunde groep valt kritieke infrastructuur aan tijdens een geopolitiek conflict.
Spyware
Spyware is software die ongemerkt informatie over een gebruiker, apparaat of organisatie verzamelt.
Voorbeelden:
- Spyware registreert welke websites iemand bezoekt.
- Een besmette telefoon stuurt locatiegegevens en berichten door naar een aanvaller.
T
Tabletop exercise
Een tabletop exercise is een bespreking waarin betrokken medewerkers stap voor stap een fictief incident doorlopen. Er worden meestal geen echte systemen aangevallen.
Voorbeelden:
- Een team bespreekt wat het doet als alle bestanden door ransomware zijn versleuteld.
- Deelnemers oefenen wie klanten, bestuur en toezichthouders informeert na een datalek.
Threat intelligence
Threat intelligence is verzamelde en geanalyseerde informatie over dreigingen, aanvallers, aanvalstechnieken en indicatoren van misbruik. De informatie helpt organisaties om beveiligingsmaatregelen gerichter in te zetten.
Voorbeelden:
- Een organisatie blokkeert IP-adressen die door meerdere betrouwbare bronnen met malware worden geassocieerd.
- Analisten gebruiken informatie over een nieuwe ransomwaregroep om hun detectieregels aan te passen.
Typosquatting
Typosquatting is het registreren van domeinnamen die lijken op bestaande websites, vaak met een veelgemaakte typefout.
Voorbeelden:
- micorsoft.com wordt gebruikt om gebruikers naar een valse inlogpagina te sturen.
- Een nagemaakt domein lijkt op dat van een leverancier en wordt gebruikt voor factuurfraude.
V
Vishing / voice phishing
Vishing, of voice phishing, is phishing via een telefoongesprek of ingesproken bericht.
Voorbeelden:
- Een beller doet zich voor als bankmedewerker en vraagt om een verificatiecode.
- Een automatisch bericht beweert dat een account wordt opgeheven als de ontvanger geen nummer belt.
Vulnerability
Een vulnerability, of beveiligingskwetsbaarheid, is een zwakke plek in software, hardware, configuratie of een proces die kan worden misbruikt.
Voorbeelden:
- Een verouderde webserver bevat een fout waardoor een aanvaller de server kan overnemen.
- Een cloudopslagdienst is verkeerd geconfigureerd en maakt bestanden openbaar waardoor onbevoegde erbij kunnen.
Virtual Private Network (VPN)
Een VPN maakt een versleutelde verbinding tussen een apparaat en een VPN-server. Daardoor kan een gebruiker veiliger verbinding maken met een bedrijfsnetwerk of netwerkverkeer via een andere locatie laten lopen.
Voorbeelden:
- Een thuiswerkende medewerker gebruikt een VPN om interne bedrijfsapplicaties te bereiken.
- Een organisatie vereist een VPN voordat beheerders toegang krijgen tot servers.
W
Wachtwoordmanager
Een wachtwoordmanager is een programma dat sterke, unieke wachtwoorden veilig opslaat en automatisch kan invullen.
Voorbeelden:
- Een gebruiker hoeft slechts één hoofdwachtwoord te onthouden.
- De wachtwoordmanager maakt voor iedere website een ander wachtwoord aan.
WhatsApp-fraude
WhatsApp-fraude is fraude via WhatsApp waarbij een aanvaller zich voordoet als een bekende, bijvoorbeeld een familielid of collega.
Voorbeelden:
- Een aanvaller beweert een kind te zijn met een nieuw nummer en vraagt om geld.
- Een zogenaamd bekende vraagt om een ontvangen verificatiecode door te sturen.
Web Application Firewall (WAF)
Een Web Application Firewall beschermt webapplicaties door HTTP- en HTTPS-verkeer te inspecteren en bekende of verdachte aanvallen te blokkeren.
Voorbeelden:
- Een WAF blokkeert een poging om via een formulier kwaadaardige databaseopdrachten uit te voeren.
- Een webwinkel gebruikt een WAF om veelvoorkomende aanvallen op zijn inlogpagina tegen te houden.
Worm
Een worm is malware die zichzelf automatisch naar andere systemen of apparaten kan verspreiden, vaak via een netwerk of kwetsbaarheid.
Voorbeelden:
- Een worm verspreidt zich binnen een bedrijfsnetwerk via een niet-gepatchte server.
- Een besmette computer probeert automatisch andere apparaten in dezelfde omgeving aan te vallen.
X
XDR
XDR (Extended Detection and Response) combineert beveiligingsgegevens uit verschillende bronnen, zoals endpoints, e-mail, cloud en netwerk. Hierdoor kunnen aanvallen over meerdere systemen heen worden onderzocht.
Voorbeelden:
- XDR koppelt een verdachte e-mail aan malwareactiviteit op de laptop van dezelfde gebruiker.
- Een securityteam ziet in één overzicht hoe een aanvaller van e-mail naar cloudaccount is gegaan.
Z
Zero-day
Een zero-day is een kwetsbaarheid die nog onbekend is bij de leverancier of waarvoor nog geen beveiligingsupdate beschikbaar is. Een zero-dayaanval maakt misbruik van zo’n kwetsbaarheid.
Voorbeelden:
- Aanvallers misbruiken een fout in een populaire browser voordat de fabrikant een patch kan uitbrengen.
- Securityteams beperken tijdelijk toegang tot een kwetsbare server totdat een update beschikbaar is.
Zero-click aanval
Een zero-click aanval maakt misbruik van een kwetsbaarheid zonder dat het slachtoffer op een link hoeft te klikken of een bestand hoeft te openen.
Voorbeelden:
- Een speciaal bericht veroorzaakt een kwetsbaarheid in een chatapplicatie zodra het wordt ontvangen.
- Een aanvaller krijgt toegang tot een telefoon zonder dat de eigenaar een melding opent.
Zero Trust
Zero Trust is een beveiligingsmodel waarbij geen enkele gebruiker, apparaat of applicatie automatisch wordt vertrouwd. Elke toegang wordt gecontroleerd en beperkt tot wat op dat moment nodig is.
Voorbeelden:
- Een medewerker moet zich opnieuw verifiëren voordat die toegang krijgt tot een gevoelige applicatie, ook vanaf het bedrijfsnetwerk.
- Een apparaat dat niet aan de beveiligingsvoorwaarden voldoet, krijgt geen toegang tot bedrijfsgegevens.
2-stapsverificatie
2-stapsverificatie is een beveiligingsmaatregel waarbij je naast een wachtwoord nog een tweede stap nodig hebt om in te loggen. Die tweede stap is bijvoorbeeld een code uit een app of een bevestiging op je telefoon.
Voorbeelden:
- Na het invoeren van een wachtwoord vraagt een bank om een code uit een reader.
- Een e-mailaccount vraagt om goedkeuring via een authenticator-app.